U bevindt zich op: Home Nieuwsbrief Nieuwsbrief 17 maart 2016 Column Dirk Fokkema: Antifouling verbazing

Column Dirk Fokkema: Antifouling verbazing

Column door Dirk Fokkema, zeiler en professional communicatie "Samen Zeilen" over wetgeving, voorlichting en verrassing rond aangroeiwerende verf voor schepen.

Dirk Fokkema

Wetgeving

Als Nederlander word je geacht de wet te kennen. Dat wordt ons door het ctgb gelukkig iets gemakkelijker gemaakt, want op de website vinden we bij de veelgestelde vragen "Wanneer is een middel een biocide": .... werkzame stof .... met als doel een schadelijk organisme te vernietigen, af te schrikken, onschadelijk te maken, de effecten daarvan te voorkomen of op een andere dan louter fysieke of mechanische wijze te bestrijden'.
 
Dan blijkt direct dat de wetgever het zich gemakkelijk heeft gemaakt, want als je het zuiver bekijkt valt afwassen met sop al onder deze regel en kun je een papieren zakdoekje na gebruik als behandeld voorwerp beschouwen. Daarom is er een klein leger aan vakmensen in diverse organisaties bezig om te regelen en beoordelen wat echt belangrijk is en wat niet.

Voorlichting

Antifouling staat al enige tijd in de belangstelling omdat er steeds ontwikkelingen in zijn en omdat er heel veel amateur-gebruikers zijn die maar wat aanrommelen. Voor de duidelijkheid, het gaat over het Engelse woord voor verf die je op je boot smeert om te zorgen dat er geen of minder aangroei op en onder de waterlijn komt.
 
Als leek werd ik betrokken bij de voorbereidingen voor een publieksvoorlichting omdat de vakmensen dachten dat ze vanuit hun positie iets over het hoofd konden zien. Helemaal leek ben ik ook niet, want als zeiler op een aluminium schip heb ik me enigszins verdiept in de middelen die nog niet uit de handel gehaald zijn en opgeleid als bioloog begrijp ik ook wel een beetje waar het over gaat.

Mij persoonlijk leek een duidelijke voorlichting nuttig en betrekkelijk eenvoudig. Bootbezitters houden van water, dus van natuur en als het niet al te duur wordt, zullen ze dus gevoelig zijn voor een goed verhaal. Duur is het toch wel, want op een middelgroot jacht smeer je jaarlijks voor een paar honderd euro aan antifouling.

Verrassing


We zaten met een groep deskundigen bij elkaar om te overleggen hoe de voorlichting vorm kon krijgen. Toen bleek dat antifouling alleen antifouling genoemd mag worden als er koper in zit. Bij de VOC wisten ze al dat dat werkt en het is nog steeds een belangrijk bestanddeel van veel antifoulings.
 
Maar er wordt ook antifouling verkocht waar iets anders in zit, bij voorbeeld voor op aluminium schepen zoals de mijne. Daar kan Zink in zitten, middelen die waterstofperoxide produceren of nog weer andere stoffen waarvan de producent liever wel vertelt hoe goed ze werken, maar niet precies wat het is. Dat is wel begrijpelijk, maar draagt niet bij tot duidelijkheid.
 
Van zink weet ik als bioloog dat het op plaatsen waar het van nature in de bodem zit, een heel aparte flora heeft doen ontstaan, dus waarom dat geen biocide en dus antifouling mag zijn is mij een raadsel. Dat het prima werkt op baby billetjes kon weleens op hetzelfde duiden.
 
De grote verrassing is dus dat tot nu toe niemand mij duidelijk kan uitleggen wat precies de schadelijkheid en milieu invloed is van allerlei stoffen, zelfs van koper moeten we het maar geloven, en wat de basis is van de wet- en regelgeving waaraan we ons dienen te houden. Natuurlijk, het koper komt in de bodem van de jachthaven, maar is dat erger dan dat ik de hele dag CO2 uitadem? Het argument dat Europese wetgeving de basis is, vind ik geen excuus en het maakt het onbegrijpelijk dat in de ons omringende landen antifoulings verkocht worden die hier verboden zijn.
 
Kortom, verdiep u in wet- en regelgeving en verbaas of vermaak u. Maar vooral, voordat de consument met voorlichting overtuigd kan worden zal er iemand moeten opstaan die de redelijkheid van de regels kan uitleggen. Bent u dat? Meld u zich alstublieft: fokkema@samenzeilen.nl.
Zoeken:

Service