U bevindt zich op: Home Nieuwsbrief Nieuwsbrief 25 februari 2016 Voorlichting over desinfectiemiddelen wordt belangrijker

Voorlichting over desinfectiemiddelen wordt belangrijker

Door de harmonisering van Europese richtlijnen voor werkzaamheid van desinfectiemiddelen, kan er in Nederland nu een breder pakket aan middelen worden toegelaten dan voorheen. Het gaat hierbij onder andere om middelen die een langere inwerktijd nodig hebben om hun werk goed te doen en om middelen die alleen tegen bepaalde virussen werken. Goede voorlichting moet ervoor zorgen dat de gebruiker het middel kiest dat geschikt is voor zijn doel en het middel vervolgens juist gebruikt.

  
Onder de Biocidenverordening is het de bedoeling dat biociden in de verschillende EU-landen zoveel mogelijk op dezelfde manier worden beoordeeld. Het voordeel hiervan is dat landen de beoordeling door andere landen kunnen overnemen en dat producenten hetzelfde product overal eenvoudig op de markt kunnen brengen.
 
In Nederland zijn er onder de Biocidenrichtlijn (de voorloper van de Biocidenverordening) al eisen gesteld, die nu worden gewijzigd met het overnemen van de geharmoniseerde Europese richtlijnen.

Tot nu toe strengere Nederlandse eisen

Tot nu toe waren de eisen aan de werkzaamheid van desinfectiemiddelen in Nederland strenger:

  • Niet chirurgische handdesinfectiemiddelen moesten in Nederland binnen 30 seconde werken. Volgens het nieuwe systeem, mag dat tot 2 minuten duren. Voor chirurgische handdesinfectie is de tijd voor een goede werking verlengd naar maximaal 5 minuten;
  • Een middel dat werkt tegen virussen moest in Nederland werkzaam zijn tegen alle virussen. Volgens het nieuwe systeem mag een middel ook alleen bepaalde virussen doden, bijvoorbeeld alleen ‘omkapselde’ virussen;
  • Nederland vereiste voor de desinfectiemiddelen voor ruimtes, oppervlakken en materialen (PT02) altijd werkzaamheid tegen bacteriën én gisten. Werkzaamheid tegen gisten stelt over het algemeen hogere eisen en een middel moet dan dus breder desinfecteren. Volgens het nieuwe systeem mag een middel voor PT02 ook alleen tegen bacteriën werken, behalve als een middel bestemd is voor ziekenhuizen.
  • De inwerktijd voor desinfectie van oppervlakken moest volgens de Nederlandse richtlijnen maximaal 5 minuten zijn. Volgens het nieuwe systeem mag dit voor veel toepassingen (maar niet voor ziekenhuizen) langer zijn. Inwerktijden van 30 minuten, 60 minuten of volgens voorschrift, zijn afhankelijk van de toepassing mogelijk.

Grotere variatie maakt keuze lastiger

Vanwege de gewijzigde beoordeling moeten professionele en niet-professionele eindgebruikers goed opletten welk middel ze kiezen. De toekomstige grotere variatie in middelen maakt de keuze lastiger. Als een middel alleen werkt tegen omkapselde virussen zal niet elke gebruiker weten of het virus voor verkoudheid of hepatitis hier onder valt.

De gebruiker moet zich vragen stellen als: Hoe lang kan men de handen met het middel wassen? Hoe lang kan de inwerktijd op een oppervlak zijn? Het correct volgen van de gebruiksaanwijzing is niet alleen van belang voor optimale desinfectie, maar ook om mogelijke resistentieontwikkeling te voorkomen. Goede voorlichting van de gebruikers zal essentieel zijn om te zorgen dat iedereen de gebruiksaanwijzing volgt.

Meer informatie

Ctgb: Harmonisatie van het toetsingskader voor werkzaamheid van desinfectiemiddelen in PT01 tot 04

ECHA: concept richtlijnen, versie van december 2015 (let op: PT05 deel is nog in de commentaarronde)

Zoeken:

Service