Het Zweedse agentschap voor chemicaliën (KEMI) voerde in 2024 inspecties uit naar de online verkoop van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. KEMI onderzocht bij 35 geïnspecteerde webwinkels 92 productadvertenties voor illegale biociden. Bij veel van deze advertenties maakten bedrijven gebruik van het dropshipping-model.

Een biocide mag alleen op de markt worden gebracht als deze een Europese of nationale toelating heeft. Ongeautoriseerd of verkeerd gebruik kan risico's opleveren voor zowel de gezondheid als het milieu.

Veel van de aanbieders van illegale biociden zijn in het buitenland gevestigd. De middelen komen van oorsprong meestal uit andere landen. Daardoor ontbreekt er vaak productinformatie in het Zweeds. Hierdoor weten consumenten niet hoe ze deze producten veilig moeten gebruiken.

Online verkoop

Onder de geïnspecteerde advertenties voor biociden bevonden zich vooral insecticiden (PT18), rodenticiden (PT14) en diverse afweermiddelen en lokstoffen (PT 19). Van alle gecontroleerde producten werd naar schatting minstens 58 procent via dropshipping verkocht.

Bij dropshipping verkoopt een webshop producten zonder deze zelf op voorraad te hebben of te verzenden. Als een klant bestelt, koopt de dropshipper het product bij een leverancier. De leverancier stuurt het product vervolgens direct naar de klant.

De kennis van biocideregelgeving is over het algemeen erg laag bij aanbieders van de illegale producten via online platformen. Vooral verkopers die gebruik maken van dropshipping weten vaak niet dat ze bestrijdingsmiddelen verkopen.

Aanpak

Na de inspectie door KEMI stopten 33 van de 35 bedrijven met de verkoop van de illegale producten. Het aanpakken van vooral buitenlandse bedrijven is lastig. Het is niet altijd te achterhalen waar het bedrijf is gevestigd en daarom is contact leggen lastig.

Het onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met autoriteiten in Denemarken, Finland, Noorwegen en het Europese samenwerkingsverband EMPACT (European Multidisciplinary Platforms Against Criminal Threats).